De dreutels-taal van Jetta Klijnsma: Effectief of afstotend?

“Grote grutjes”, “dreutels”, “drommels nog aan toe”, “jeempie”, “potverdikkeme”. De stijl van staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken) is onderscheidend, maar bracht haar wel in politieke problemen.

jetta_klijnsma

Foto: ANP

Bij sommigen werkt haar taalgebuik op de lachspieren, bij anderen wekt het irritatie op, maar er is ook een groep die haar zalvende, moederlijke toon juist een verademing vindt ten opzichte van de gejaagdheid die het Binnenhof kenmerkt.

Hoe dan ook is Klijnsma herkenbaar in politiek Den Haag. Anders dan andere politici wordt ze niet gehinderd door ijdelheid en blijft ze trouw aan haar eigen vrolijke communicatiestijl.

Zo zijn er de typische Jetta-woordjes. “Het is verdikkeme niet makkelijk als je je baan verliest”, zei ze eens in Vrij Nederland.

En: “Als je niet als de drommel gaat solliciteren dan hangt er een sanctie boven je hoofd”, zei ze onlangs om duidelijk te maken dat mensen die lang in de bijstand zitten actief moeten worden.

Barstende hoofdpijn

Naast krachttermen als “grutjes” en “dreutels”, gebruikt Klijnsma in haar interviews, voordrachten en debatten ook veel beeldend taalgebruik.

Zo zei ze over het salaris van de topman van het door de Staat overgenomen SNS Reaal: “Niet alleen de minister-president heeft er barstende hoofdpijn van, wij alle twintig.”

En een typerend kenmerk is natuurlijk haar chronische blijheid: “Hallo, ik ben Jetta!”, zegt ze vergezeld van een brede glimlach als ze zich aan iemand voorstelt.

Jan Kuitenbrouwer, taalkenner en schrijver van een boek over het taalgebruik van politicus Geert Wilders, vergelijkt de stijl van Klijnsma met die van een kleuterjuf van het type Annie M.G. Schmidt. “Het is heel archa├»sch. Je vraagt je bij haar af: uit welk universum komt ze? En: bestaan er meer mensen uit dat universum?”, aldus Kuitenbrouwer.

“Haar idioom is een sprookjeswereld zoals in een kinderboek. Een wereld waarin geen problemen zijn, maar slechts oplossingen. Een beetje zoals bij Oprah Winfrey, maar dan oud-Hollands. Tegelijkertijd heeft dat opgewekte en kwieke ook iets vertederends.”

Jetta-taal

Soms proberen haar woordvoerders al te veel ‘Jetta-taal’ te voorkomen, maar het hoort nu eenmaal bij haar. Tot vorige week. Een ogenschijnlijk onschuldige persoonlijke anekdote bleek haar ineens in politieke problemen te brengen en liet zelfs PvdA-partijvoorzitter Hans Spekman haar publiekelijk vallen.

“Ik heb niets te klagen. Maar ik raad mensen wel aan om ook naar andere vormen van oudedagsvoorziening te kijken. Ik ken mensen met een moestuin, dat levert veel groente en fruit op”, zei ze in hetAD op de vraag hoe het zit met haar pensioen.

Van links tot rechts werd ze aangevallen. Neem een moestuin? Zorg maar voor een hogere aow!, was de kritiek. Spekman noemde haar opmerkingen “stom” en “belachelijk”. Dat doet de vraag rijzen of Klijnsma wel zo effectief is in haar communicatiestijl.

Roderik van Grieken van het Nederlands Debat Instituut vindt van wel. Hij typeert de stijl van Klijnsma als gedateerd, maar ook ‘betrokken’, ‘dicht bij mensen’ en ‘onderscheidend’. “Een term als ‘potverdorie’ klinkt bij haar authentiek en stimulerend. Als Samsom dat zou zeggen klinkt het gek.”

“Een onderscheidende toon kan in je voordeel werken, want dan vestig je de aandacht op je. Mensen als Bram Moszkowicz en Ivo Opstelten hebben ook hun eigen stijl.”

Bron: Nu.nl